Bier in Nederland

Bier in Nederland

zaterdag 28 mei 2016

Dossier Nederlandse abdijbieren (5: Bieren van 'levende' Nederlandse abdijen)

Dit dossier beschrijft de Nederlandse abdijbieren, hun context en hun herkomst en prikt enkele mythen door. Want hoe jong de Nederlandse abdijbieren ook mogen zijn – die mythen zijn er al, net als onder de Belgische. Benamingen, etiketten en  publiciteitsmiddelen geven aanleiding tot verwarring en zijn soms onjuist of zelfs misleidend. Andere abdijbieren verdienen juist respect, want er is kaf maar ook koren onder de Nederlandse abdijbieren. En hoe!

Aflevering 5: Bieren van 'levende' Nederlandse abdijen.

Levende abdijen
Het is gelukkig niet allemaal wazigheid of erger in de Nederlandse abdij- en kloosterbierwereld. Vier Nederlandse abdijbieren kunnen door hun achtergrond doorgaan voor een ‘echt’ abdij- of kloosterbier. Ze zouden voldoen aan de Belgische criteria voor Erkend Abdijbier.

Gerardus Wittems Kloosterbier (Gulpener Bierbrouwerij) bestaat sinds 2000. Het bier verwijst naar het redemptoristenklooster te Wittem. Ook dit is dus geen abdijbier, maar een kloosterbier.
In Wittem zelf is nog tot 1952 gebrouwen, en het klooster zelf bestaat nog altijd. Meer nog: de baten van Gerardus komen deels ten goede aan de instandhouding van de historische bedevaartkerk in Wittem. (Het klooster is het landelijk pelgrimsoord van St. Gerardus Majella.) De redemptoristen zelf zijn op hun kloosterwebsite overigens zeer karig met vermelding van het bier. Men kan het drinken in de Gerarduszaal ter plekke, en dat is het. Waar het toe dient, maar ook waar het vandaan komt: het is nergens terug te vinden.
Welnu, het komt dus van de Gulpener Bierbrouwerij. Die begon in 2000 met een dubbel, maar later zijn er een blond bier en een tripel bijgekomen. Tegenwoordig zijn ze ook bij supermarktconcern Lidl verkrijgbaar, waaronder inmiddels tevens een lentebok.
De brouwerij flirt op haar website openlijk met ‘een oud recept […] uit het Redemptoristenklooster in Wittem’, maar dat is een verkooppraatje. In 2001 vertelde pater Erinkveld in Misset Horeca over het moment in 1952 dat de eigen brouwactiviteiten in Wittem werden stopgezet: ‘Waarom is niet precies bekend, maar de broeder die het betrof was waarschijnlijk zo kwaad dat hij het recept heeft verscheurd.’ Het klooster heeft wel het initiatief genomen tot het Gerardusbier, maar dat is ontwikkeld door de brouwerij – die zelf toen ook met een dergelijk idee rondliep.

Sancti Adalberti (Proefbrouwerij, Locristi) bestaat sinds 2009. De naam is die van de vroege evangelist Adelbert, die van 690 tot 740 de Noord-Hollanders trachtte te bekeren. Op de plaats waar hij werd begraven, welde volgens de legende een bron op waarvan het water geneeskrachtig zou zijn. In zijn nabijheid was ook ooit een houten klooster gesticht, waar later bier werd gebrouwen. Toen deze eerste abdij van Egmond in 1573 tijdens de geloofstwisten werd verwoest, roofden de overvallers de brouwketel om die om te smelten tot wapens.
Sinds 1950 staat er een moderne stenen benedictijnerabdij in Egmond. Daar ontstond ooit het idee om de abdijgeschiedenis eer aan te doen door een abdijbier op de markt te brengen. Het idee was het bier in licentie te laten brouwen, zoals Belgische abdijbieren. Dat werd Sancti Adalberti, waarvan uit de opbrengst jaarlijks een bedrag aan de Egmondse abdij wordt overgemaakt om de doelstellingen en de uitstraling ervan te ondersteunen.
Dat vereiste, net als in Wittem, natuurlijk een brouwerij. Het begon met een tripel die werd gebrouwen bij De Prael in Amsterdam. Al snel overtrof de belangstelling de vraag en bracht men de productie over naar de grotere Proefbrouwerij in Locristi. Op dit moment brouwt die vijf (door de abdij in samenspraak met deskundigen ontwikkelde) Sancti Adalberti-bieren: dubbel, een tripel, een witbier, een blond bier en een winterbier.

Zodoende kwam ik dat laatste, Pastorale, een paar jaar geleden tegen bij het Kerstbierenfestival in Essen. Daar zijn eigenlijk alleen Belgische bieren te proeven. De organisatie rekent een in België gebrouwen Nederlands abdijbier echter ook tot de Belgische bieren. (Er was toen bijvoorbeeld ook Winterstout van Duits & Lauret te proeven - oh heerlijke indringer!)
In Egmond doorziet men dat dit ook een keerzijde heeft. Dus doet men dus zijn best de identiteit van het bier als Nederlands c.q. Egmonds te promoten. Elk bier wordt geënt met water uit de 'gewijde' Adelbertusbron. De lindebloesem in het bier verwijst naar de linden daar en op de Abdijlaan. Mooie gedachten, maar toch vooral symbolisch. Uiteindelijk is er immers veel meer brouwwater nodig dan wat men uit de Adelbertusbron haalt. En komt de gebruikte lindebloesem uit Egmond?
Het is ook niet de bedoeling dat het hier bij blijft; integendeel zelfs. Sancti Adalberti moet volledig Nederlands worden. In Egmond bestaat een serieus plan om zelf te gaan brouwen. Niet door de monniken, maar wel in een eigen brouwerij op het terrein van de abdij. Dat zou de status en identiteit van dit abdijbier, die al best in orde zijn, versterken.

Haagsche Broeder (brouwerij Haagsche Broeder, Den Haag) is het enige abdijbier uit de Benelux dat nu al binnen kloostermuren wordt gebrouwen. Het bestaat sinds 2013. De naam verwijst naar de gemeenschap van Broeders van Sint Jan, die sinds 2012 zijn priorij heeft in de Haagse binnenstad. Niet veel mensen die al winkelend of flanerend door de Oude Molstraat lopen weten het, maar ze passeren daar die priorij die in het Willibrordushuis zit. Een priorij, om het nog even te memoreren, is een klooster van een niet-contemplatieve orde. De congregatie van Broeders van Sint Jan valt direct onder bisschoppelijk recht.
In dit Haagse gebouw zit ook een kloosterwinkeltje, waar men kaarsen en andere artikelen verkoopt ten bate van de kloostergemeenschap. Ooit is men op het idee gekomen in het assortiment ook een eigen bier op te nemen. Het contact met de twee gepassioneerde jonge brouwers Jelger Moggree en Kees Verbogt bracht dat in een stroomversnelling. In 2013 was daar ineens Haagsche Broeder Prior, een dubbel van 8 procent alcohol, alleen verkrijgbaar in flessen van 0,75 liter en alleen in de kloosterwinkel.
De twee ‘brouwbroeders’ maken sinds kort ook een barrel aged versie (op bourbonvaten). Rond 27 december verschijnt er een specialiteit, Johannes – extra zwaar en eens per jaar gebrouwen, dus ook extra zeldzaam. Hiermee knopen de kloostergemeenschap en -brouwerij aan bij de feestdag van Sint Johannes.

Het bier wordt dus in het klooster gebrouwen door lekenbrouwers. Handig afficheert men het als ‘een Kloosterbier dat daadwerkelijk met broeders wordt gebrouwen’. En dat klopt nu eens, want lekenbrouwers Jelger en Kees hebben inmiddels drie broeders in het brouwvak ingewijd. De Broeders van Sint Jan gaan nogal eens van het ene naar het andere huis van de congregatie, maar zo zal er in Den Haag altijd wel een meebrouwende broeder zijn. Bovendien houdt het klooster zelf uitdrukkelijk de vinger aan de pols – voor wat betreft de bestemming, de uitstraling en ook de verkoop van het bier.
Die verkoop van Haagsche Broeder is een verhaal apart. Enkele cafés in de nabije omgeving hebben het in het assortiment, maar verder blijft de afzet beperkt tot de kloosterwinkel. Een reisje naar Den Haag is hiervoor dus een must. Zoals gezegd, het klooster houdt uitdrukkelijk de vinger aan de pols bij dit bier. Het waakt over de identiteit en de revenuen, maar ook over de verkoop van Prior.
Dat bleek begin 2015 nog maar eens. De verkoop van Haagsche Broeder begon toen enigszins uit de klauwen te lopen. Het bestaan van het kloosterbier is nog altijd een soort goed bewaard geheim, maar niet meer zo als in de begintijd. Men besloot daarom tot gerantsoeneerde verkoop over te gaan. Kijkt u maar op nevenstaande foto hoe dat in zijn werk gaat. Ligt het Nederlandse Westvleteren in Den Haag?

Abdij van Berne (brouwerij Val-Dieu, België) is het jongste Nederlandse abdijbier: het bestaat sinds 2015. De naam is die van de nog altijd actieve norbertijnenabdij in Heeswijk, de oudste abdij van Nederland.
Men vond er sporen van een brouwerij die teruggaan tot 1532. En in Berne wil men dit brouwverleden net als in Egmond daadwerkelijk doen herleven met een nieuwe eigen kloosterbrouwerij. Dat was overigens een idee van een buitenstaander die vervolgens met de monniken een stichting ervoor oprichtte. De opbrengsten van het ter plekke gebrouwen bier moeten ten goede komen aan de abdij.
Om die plannen te kunnen financieren is men al begonnen met de ontwikkeling en introductie van het bier. Dat wordt nu beperkt gebrouwen bij de (niet meer functionerende) abdij van Val-Dieu, waar een door leken gedreven brouwerij staat. Berne heeft voor een Belgische abdij gekozen ‘omdat daar de kunst van hoogwaardige bovengistende bieren in de cultuur verankerd’ is. Kortom: net als (alweer) Sancti Adalberti is dit Nederlandse abdijbier in werkelijkheid een Belgisch bier!
In Bier! Magazine van winter 2015 flirtte de voorzitter van de stichting met ‘de oude receptuur van het bier’ dat vroeger werd gebrouwen, maar van een echt recept is geen sprake. Met zelf geteelde hop en water uit een put (die er nog altijd is) brouwde men vroeger in Berne een blond en een bruin bier. Daar kun je natuurlijk alle kanten mee uit, en dat is ook gebeurd. Men heeft (in Berne zelf) uitdrukkelijk uitgeprobeerd en er zo de recepten ontwikkeld. Op dit moment zijn er twee soorten, Norbertijn Blond en Prior Dubbel.


Klik verder of terug naar:

Startpagina

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen